Send As SMS

maandag, augustus 28, 2006

Koekiemonster en het sublieme

Inderdaad, voor Koekiemonster hoeft een gedicht niet per se te rijmen. Zijn verlangen naar koekjes is simpelweg te groot voor dergelijke artificiële beperkingen. Toch moet het belang van rijm in zijn poëzie niet worden onderschat. Het rijmschema kan gezien worden als een manier om de honger te reguleren of dresseren, vergelijkbaar met het Fort-Da spel waarmee Freuds neefje de afwezigheid van zijn moeder beheersbaar probeerde te maken. Afwezigheid van koekjes is in laatste instantie het thema van alle poëzie die Koekiemonster schreef in de periode vlak voor zijn geestelijke instorting, of er nu expliciet over koekjes wordt gesproken of niet. Immers, zolang hij zijn mond gebruikt om gedichten te declameren, kan hij geen koekjes eten. M.a.w.: afwezigheid van koekjes en poëzie constitueren elkaar wederzijds. Tegelijk is niets zo traumatisch of ontregelend als de vervulling van een fundamenteel verlangen, zoals het volgende gedicht illustreert:



Het gedicht moet wel falen, omdat de sublieme "inhoud" van het gedicht (koekjes) zich onmogelijk laat verzoenen met de regelmatige vorm. Het is zeker mogelijk dit falen als een soort succes te beschouwen, nl. als een benadering van het onrepresenteerbare d.m.v. ontregelingsstrategieën. Bij de jongere generatie dichters echter lijkt de poëtica van het verhevene aan prestige te hebben ingeboet ten bate van de rehabilitatie van een bepaalde opvatting van het schone:

6 Comments:

Ruben van Gogh said...

Koekiemonsters gedicht faalt mijns inziens alleen omdat er een gespecificeerde eis van criticus Kermit aan ten grondslag ligt: het mag niet over 'koekjes' gaan -- sterker nog, het faalt aan het eind enkel in de ogen van deze criticus. Voor Koekiemonster blijkt het einde juist succesvol, nl zodra hij zich niets meer van de criticus aantrekt.
Met rijm heeft hij geen enkel probleem, Koekiemonster, of er nu koekjes of laarzen bezongen woden. Alleen bij de koekjes worden de strofes ras korter en korter.

9:51 PM  
Jeroen Mettes said...

Je hebt natuurlijk gelijk. Het is een allegorie voor de dichter/criticus relatie... Maar als Kermit niet zo streng zou zijn, dan zouden de koekjes aan het eind niet zo goed smaken.

10:16 PM  
Rutger H. Cornets de Groot said...

De vraag is: wat zijn eigenlijk Kermits redenen om Koekiemonster die beperking op te leggen? Ik zie er drie:

1. - formeel/retorisch, vergelijkbaar met de beperkingen die rederijkers zichzelf oplegden (gedichten met alleen de klinker "i" bijv.);

2. - moreel: koekjes zijn taboe; individualisme vormt een bedreiging voor de sociale cohesie;

3. - poëticaal: maak een gedicht dat begrepen kan worden zonder kennis van de auteur en diens preoccupaties, en dat aan de hand van alleen zijn formele kenmerken (rijm) geanalyseerd kan worden, waarbij de mogelijkheidsvoorwaarden buiten beschouwing worden gelaten.

Het pleit voor Koekiemonsters dichterschap dat hij 1. niet uit de weg gaat - hij is kennelijk een ambachtsman - maar aan 2 en 3 tenslotte geen boodschap heeft. Het is treffend dat dit kennelijk door kinderen meteen al wordt begrepen, waar sommige volwassenen zich door 2 en 3 nog voldoende gek laten maken.

Iets anders: ik heb absoluut niet de indruk dat hier een allegorie van de dichter/criticus-relatie wordt gegeven: het lijkt me niet de taak van de criticus om de dichter beperkingen op te leggen. Wat wel kan worden gezegd, is dat critici er kennelijk geen moeite mee hebben om hun eigen kritische apparaat op de eenvoudigste poëtische uitingen te projecteren: Jeroen zijn deconstructie, ik mijn hermetiek (om beide zo maar even aan te duiden). Daar kan men lacherig over doen, maar je ziet maar hoe we in staat zijn om uit het grootste dichterlijke onbenul nog iets zinvols te peuren. In veel gevallen is dat meer te danken aan de welwillendheid van de criticus dan aan de kwaliteit van het gebodene. QED.

12:37 AM  
Eric said...

Het Koekie monster wordt sowieso ondergewaardeerd, meestal door invloeden van buitenaf.
Zo introduceerde ik ooit het voetjesmonster bij mijn kleuterneefje (twee vingers springend van tafel naar muur, naar grond... die maar een doel hadden en dat was het uitkietelen van mijn kleuterneefje.

Oh, ja het was populair...maar de naam van dit monster was verbasterd tot wat de kleuters kenden; koekiemonster ipv het voetjesmonster.

Okay, what the hell it has to do with your text?
Weinig en tegelijkertijd alles; perceptie en werkelijkheid => gedachten en identiteit => boodschap en beoordeling van de verzender c.q. ontvanger.

Kortom, getekend door het leven als in deze tijd, naar eigen perceptie en beleving.
Ben je alleen verzender of ook ontvanger? Waar is de grens die je stelt aan tegenspraak?
Het maakt ook niet uit, we zijn tenslotte allen autonoom (en ik haat rijmende gedichten, maar dat is alleen mezelf eigen haha).

3:10 AM  
Martin van Kralingen said...

Dit lijkt me toch een schoolvoorbeeld van 'Wittgenstein voor het slapen gaan'.
Een gedicht dat NIET over koekies kan/mag gaan, kan onmogelijk niet over koekies gaan.

6:55 AM  
Arne S. said...

Intertekstualiteit en multimediale kunst bereiken nieuwe hoogten. Complottheorieën gonzen over het net. Bezoedelt of bedoezelt de poëzie de geesten van het sesamstraatvolkje? En laat het nu net vandaag zijn dat ik de volgende zin lees: "Kinderen en grammatica's van het scheppen zijn intiem met elkaar verstrengeld".

Cookiemonster is met zijn ongenaakbare "eat this"-attitude voor mij meteen het voorbeeld van de rasechte kynicus.

http://www.youtube.com/watch?v=XQrotZDDsTE&NR

http://www.youtube.com/watch?v=jrxgVuaAk8s

http://www.youtube.com/watch?v=rj_YPJvia8A

7:43 AM  

Een reactie plaatsen

<< Home