Send As SMS

maandag, oktober 03, 2005

DICHTERSALFABET: De C van Claes

Ik kan niet beginnen.

Alles wat ik ter introductie over Paul Claes wil zeggen klinkt automatisch als een veroordeling waar ik niet per se achter sta. Bijvoorbeeld:

"Paul Claes -- u weet het -- is niet van de straat..."
Ik schaar me niet onder de principiële vijanden van geleerdheid in poëzie. Waarom jezelf beperken tot de kont van je geliefde? Nee, daar mag best wat Griekse mythologie of kwantumtheorie tegenaan; dat kan die kont best hebben.

Mijn probleem met De waaier van het hart (De Bezige Bij, 2004) is niet het feit dat de bundel Latijnse disticha bevat -- hoewel ik geen Latijn lees -- of de alomtegenwoordigheid van de grote westerse cultuurcodes: de Klassieken, de Bijbel, de Literatuur. Voor lezers die zich hier niet door laten intimideren zijn er de behulpzame "Scholiën" achterin de bundel. Ook is Claes een vakman; er staan -- formeel gesproken -- maar enkele middelmatig tot zwakke gedichten in De waaier van het hart. Dus wat is mijn bezwaar? Ik weet het nog niet zeker, maar ik denk dat ik een excursie moet maken...


*

In Le Degré zéro de l'écriture maakt Roland Barthes een onderscheid tussen taal, stijl en "schrijven" (écriture). Taal is niet alleen het Frans of het Nederlands, maar het sociale of historisch-objectieve aspect van literatuur in het algemeen. Een Parijse monnik uit de twaalfde eeuw zal niet zomaar een prozagedicht schrijven, simpelweg omdat die vorm niet tot zijn beschikking staat op dat moment in de literatuurgeschiedenis. M.a.w. hij spreekt een andere literaire taal dan die van het fin de siècle.

Stijl is tegengesteld aan taal en vertegenwoordigt het persoonlijke of individueel-subjectieve aspect van literatuur. Een schrijver heeft naast een taal die hij deelt met zijn tijdgenoten een eigen stijl. Marlowe en Shakespeare schreven allebei Renaissance tragedies, maar ieder op hun eigen manier.

"Schrijven" tenslotte bevindt zich tussen beide polen in.

Barthes ziet zich genoodzaakt deze bemiddelende categorie in het leven te roepen, omdat hij anders de relatie tussen de schrijver en zijn tijd en tot de literatuurgeschiedenis überhaupt niet kan verklaren als een bewuste, ethische relatie. Natuurlijk is het goed mogelijk om de literatuurgeschiedenis te begrijpen als een mechanisch proces, waarbij literaire vormen elkaar opvolgen door de werken van individuele schrijvers te gebruiken als medium van hun ontwikkeling. Een soort literair darwinisme, met taal als selfish gene, stijl als tijdelijke drager.

Maar dit was in het Parijs van Sartre waar men in een café een serieus gesprek over Vrijheid kon voeren. Ook met de vroege Barthes. "Schrijven" is precies de locus van vrijheid. De objectieve taal wordt de schrijver opgelegd; met een zuiver persoonlijke stijl wordt hij als het ware geboren. Het is pas in het "schrijven" dat een keuze wordt gemaakt, waarin de schrijver zich noodzakelijk engageert.

*

Zijn we er nog?

Oké.

Het is duidelijk dat Claes meerdere talen spreekt; hij beheerst verschillende vormen en put uit een aantal klassieke registers. De taal van de hedendaagse poëzie daarentegen lijkt hij niet te willen spreken. Niks epifanische ervaringen in vrije verzen. Niks ironische vroomheid van het postmodern sublieme. Niks verrassende beelden. Deze weigering van de dominante taal kan alleen maar een bewuste keuze zijn -- écriture.

Maar het is een keuze voor geen keuze. Claes lijkt te dromen van een objectief continuüm van pure taal, zogezegd, waar poëtische vormen en eerbiedwaardige gemeenplaatsen uit verschillende tijden en culturen vreedzaam naast elkaar kunnen bestaan, en waarin niet meer gekozen hoeft te worden, omdat de geschiedenis al enige tijd afgelopen is. Het is een museumvisie op geschiedenis. Zodra ze niet meer wordt opgevat als het product van menselijk handelen, d.i. zodra ze volkomen objectief wordt, kan de geschiedenis worden voorgesteld als een ruimte waarin we ons -- niet als handelende subjecten, maar als cultuurconsumenten -- kunnen bewegen, de schoonheden bewonderen en de verschrikkingen verafschuwen.
Orpheus

Wie heeft het oog van Gorgo uitgedoofd?
Wie hief de kruin omhoog van Goliath?
Wie hieuw van Holofernes af het hoofd?

Wie stiet de bal van bloed over de stad?
Wie heeft het hoofd op tafel neergezet?
Wie korf de baard die om erbarmen bad?

Wie vlijde beide koppen op één bed?
Wie heeft haar klappertandend hoofd verstijfd?
Wie brak de zachte nek van elk verzet?

De zon, mijn hoofd dat op de einder drijft.

De grenzen tussen geschiedenis en mythe vervagen op het moment dat de eerste nog enkel als esthetisch fenomeen begrepen kan worden. We kunnen zelfs geen lering meer trekken uit het verleden; enkel vermaak rest ons, zij het vermaak van hoog niveau.

Als we Claes' gebruik van klassieke vormen en motieven vergelijken met dat van modernisten als Joyce en Pound -- beiden door Claes vertaald --, dan wordt duidelijk hoe weinig er in De waaier van het hart op het spel staat. Joyce gebruikte Homerus om de Europese roman te vernieuwen; Claes gebruikt Homerus om niet na te hoeven denken -- laat staan te beslissen -- over de toekomst van de Nederlandstalige poëzie.

Kortom, in Barthes' termen: de ethisch-politieke dimensie -- het schrijven -- heft zichzelf op in de naam van een autoritair estheticisme. "Ik hoef niet af te dalen in de onderwereld," denkt de schrijver die geen schrijver wil zijn. "Dat heeft Orpheus al voor mij gedaan."

*

N.B. Een andere vorm van de zelfopheffing van écriture is niet te kiezen voor volledige overgave aan een absolute taal, aan autoritaire Vormen, maar juist aan de andere pool: absolute stijl. Individueel estheticisme. Maar het individu is niet minder een despoot dan de traditie.

*

P.S. Barthesianen: ik heb geschreven zonder Barthes bij de hand, en hem ongetwijfeld vereenvoudigd, zo niet verkeerd begrepen.

P.P.S. Ik heb besloten toch maar geen C's toe te voegen aan het aanbod van Verwijs*). Vóór 2007 moet dit alfabet toch wel afgelopen zijn, vind ik, en ik schrik bij de aanblik van zoveel D's: Dee, Deelder, Degenaar...

18 Comments:

Ruben van Gogh said...

Dan hebben we nog een vierde categorie nodig. Het uitspreken. En Claes spreekt zich niet uit!?
Op grond van mijn eerste Claes-bundel (1989), vond ik hem eigenlijk op één lijn staan met Drs. P; zuiver vorm, met af en toe een kwinkslag. (Al zou Claes wellicht liever van kwikslag spreken.) Een geleerd light-verse dichter eigenlijk. (Of een post-modern light-verse dichter – die hadden we nog niet.)

6:15 PM  
Ruben van Gogh said...

Rebis heet die bundel...

6:15 PM  
Anonymous said...

Hi, I liked your blog its my first time here! If you are interested, go see my Tai Chi related site. Its purley for peoples health.

All the best John

6:53 PM  
Jeroen Mettes said...

Ik heb Rebis niet gelezen, maar "geleerd light-verse dichter" klinkt niet gek. Heel precies zelfs. Wat "De waaier van het hart" betreft. Normaal denkt men bij light-verse aan iets dat gemakkelijk te verteren is voor iedereen die kan lezen. Maar misschien slaat dat "light" toch meer op het gewicht van de "inhoud" (ik zou zeggen: de inzet) dan op de "vorm".

Ik weet niet precies wat je met het uitspreken bedoelt. Ik bedoel: ik denk dat ik weet wat je bedoelt, maar niet precies wat Paul Claes betreft.

7:03 PM  
Ruben van Gogh said...

Ik bedoelde dat ik het idee heb dat je Claes verwijt zich niet uit te spreken, alleen maar de materie te hanteren.
Ja, die light-verse: het is de hoek van waaruit ik de poëzie ben ingerold – een zeker plezier van en met taal is mij nog altijd niet vreemd.
Recent (via de Contrabas weblog en Nanne Nauta) de Oulipo-beweging wat leren kennen – nu ja, het bestaan ervan dan. Daarin de facinatie voor vorm herkend, zonder dat het tot die (af en toe toch wel zeer- maar ook dikwijls wat gemaakt) grappige Nederlanse equivalenten leidt uit de light-verse hoek.

9:10 PM  
Jeroen Mettes said...

Wat dat uitspreken betreft... Ik mis wel degelijk een "stem" in Claes. Dat heeft hij ongetwijfeld eerder te horen gekregen. Ik vind dat op zich geen verwijt. Je kunt je ook niet uitspreken en toch een "statement" maken... Zoals Mallarmé. Extreem voorbeeld: ik vind Rimbauds besluit om op zijn 21ste (?) te stoppen met dichten een uiterst sterk en poëtisch statement.

11:56 AM  
Samuel Vriezen said...

Rimbaud vond vast dat hij dat puberale gedoe nu wel gehad had, hij wilde eindelijk eens iets zinnigs met zijn leven gaan doen.

12:54 PM  
Herlinda V. said...

Hij ging Russisch leren, trok als handelsreiziger o.a. de woestijn in, kreeg botkanker, verloor een been en stierf.
Samuel, dus niets van al dat zinnigs maar je verwachte concert voor 2 piano's op de affiche van Transit, festival voor hedendaagse muziek in Leuven, volgend jaar ook weer: http://www.festival.be/vlaamsbrabant/transit/detail.asp?ID=390 Noten op de balk!

8:40 PM  
Ruben van Gogh said...

Hm arme Rimbaud, na dat poëtische statement liep het wel erg prozaïsch af...

Peter Verhelst's statement in Verhemelte (Prometheus, 1996) (ik grijp rechtsonder in mijn poëziekast) op pagina 30 is ook wel zeer poëtisch in zijn uitgsprokendheid: "Nee." staat er linksboven – en dat is alles voor die bladzijde.

10:23 PM  
Eva Cox said...

Maar nog mooier is dat beeldgedicht van ik dacht Jan van der Hoeven, een NEE met de E's in spiegelschrift. Het werkt wonderwel.

10:11 AM  
Ruben van Gogh said...

De titel van zijn bundel die ik heb is ook fraai: kwatsj as kwatsj kan (Nijgh & Van Ditmar, 1971)

10:14 AM  
Samuel Vriezen said...

Hm, dat beeldgedicht NEE zou ik wel eens willen zien. (de omgekeerde E in de logica is een symbool voor "Er bestaat een...")

Hier is trouwens een sterk beeldgedicht te vinden van Robert Grenier:

http://jacketmagazine.com/27/px/s2.jpg

1:31 PM  
Samuel Vriezen said...

Oh ja, Herlinda - uiteraard bedoel ik het niet al te kwalijk jegens Rimbaud, alleen dat me de reden die ik geef voor zijn stoppen me heel voorstelbaar lijkt. (Bij stoppen met dichten als poeticaal statement denk ik eerder aan Laura (Riding) Jackson).

En dat van die twee piano's: "20 Worlds" gaat het heten en ik ben eindelijk vandaag begonnen aan de partituur zelf. Deze week nog af, hoop ik.

4:19 PM  
Ivo Slangen said...

Albert Camus ziet Rimbauds besluit om te stoppen juist niet als een nieuwe vorm van verzet en zijn 'mysterieuze' metamorfose als een verwording van onuitputtelijk genie naar 'bourgeois-sjacheraar'.
Ronduit vernietigend, maar ook vol teleurstelling is deze opmerking:

'Maar mysterieus, dat is ook de banaliteit die fonkelende jonge meisjes treft als het huwelijk hen verandert in speel- en breimachines.' (De mens in opstand)

Interessante blog! (over iets waar ik verder weinig vanaf weet)

5:23 PM  
Jos Joosten said...

Mooi raak stuk over Claes, zeg. Waarbij ik wel een lans wil breken voor zijn weinig opgemerkte bundel Mimicry (volgens mij bij Kritak verschenen en direct verramsjt), waar hij op vaak enorm leuke wijze pastiches maakt van alle grote Nederlandse 19e en 20e eeuwers. Omdat het project alle pretentie en serieux ontbeert, wordt het ineens heel serieus. je zou er prima eerstejaars college literatuurgeschiedenis mee kunnen geven. Ik geloof niet dat het nog makkelijk te krijgen is.

3:20 PM  
Jeroen Mettes said...

Ik heb Mimicry een tijd geleden inderdaad in de ramsj gezien bij de Slegte. Iemand heeft me toen verboden het te kopen! Ik zal er morgen nog eens langs gaan. Poëzie vliegt volgens mij ook bij de Slegte niet de deur uit.

Maar wat bedoel je als je zegt dat het serieus wordt omdat het aan serieuze pretenties ontbreekt?

6:41 PM  
Jos Joosten said...

Ik bedoelde eigenlijk dat Mimicry in eerste instantie natuurlijk een grote grap is: allerlei nieuwe gedichten waarin de eigenaardigheden van een dichter enorm uitvergroot worden. Zoals een goede spotprent ook de eigenaardigheden van de afgebeelde persoon uitvergroot. Maar als het goed is doet zo'n cartoon die "echte" persoon in kwestie toch ook recht. Zodat je er om moet lachen, maar tegelijk de persoon anders voortaan ziet dan tot dan toe. Even uit mijn hoofd: in Mimicry schrijft Claes een perfect sonnet á la J.C.Bloem. Op het eerste gezicht zie je niet wat er aan de hand is, maar als je even beter kijkt zie je dat het helemaal bestaat uit bestaande regels van Bloem. Zoiets vind ik knap, grappig maar het wijst, op een serieuzer niveau, meteen ook op de beperktheid van het poëtische lexicon van Bloem.

9:35 AM  
Herlinda V. said...

Samuel, goeie moed met je pianowerk!
(heb alles gelezen over Claes hier en moet forfait geven; nog niets van deze dichter geproefd; heb nog een aantal dichters te ontdekken; dank voor alle info)
groeten,
herlinda

8:35 PM  

Een reactie plaatsen

<< Home